1 Mei

In Nederland is het een bijna vergeten traditie, maar in veel andere landen is de eerste mei een erkende feestdag als de dag van de arbeidersbeweging. Die traditie begon in 1890, ook her en der in Nederland. Enkele duizenden mensen kwamen die dag in actie voor een achturendag. Het was een aarzelend begin voor wat een traditie zou worden in ons land - inmiddels weer vergeten.

De sociaal bewogen ondernemer Robert Owen pleitte er in 1817 in Engeland voor om in werkplaatsen en fabrieken de achturendag in te voeren. Hij beargumenteerde zijn eis door er op te wijzen dat acht uren werk en een goede organisatie van de arbeid een overvloed aan rijkdom voor allen kon scheppen. De nieuwste ontwikkelingen op technisch en chemisch gebied zouden het niet meer noodzakelijk maken om langer te werken dan acht uur per dag.

De datum van 1 mei was niet zomaar gekozen. In Noord-Amerika was het dan Moving Day. Op die dag werden bestaande arbeidscontracten vernieuwd, ging voor anderen op die dag een nieuwe in, werden bestaande woonruimte-contracten vernieuwd of betrokken de arbeiders elders een nieuwe woonruimte.

In Europa werd tot de jaarlijkse viering besloten op 21 juli 1889 op het oprichtingscongres van de Tweede Internationale in Parijs. Het doel was om de strijd voor de achturige werkdag te versterken. Op 1 mei 1890 vonden in veel landen de eerste vieringen plaats.

In Nederland is de "Dag van de Arbeid" geen officiële feestdag. Wel werden er vanouds grote bijeenkomsten georganiseerd door de SDAP (later PvdA) en de CPN. Tot in de jaren tachtig hield de CPN op 1 mei een jaarlijkse betoging in Amsterdam.

In veel landen (o.a. Frankrijk) is 1 mei een doorbetaalde vrije dag. In Nederland geldt dit vreemd genoeg niet voor arbeiders, maar wel voor een kleine groep ambtenaren.